­

Terwijl hij al druk orerend zijn paperassen op de katheder legt, stoot Bart Chabot een glas water om. Paniek, want de juryrapporten voor de Haagse Tien met een Griffel-award en de envelopjes met prijzen liggen ernaast. De commotie betreft overigens niet Chabot zelf maar de leden van de organisatie om hem heen. Met een grote grijns houdt Bart Chabot een klein envelopje omhoog waar het water uitdruipt…”je moet wel heel goed kijken om nog te zien dat dit de derde prijs is”, schatert hij.

Deze scene typeert de manifestatie ‘In Balans. Regie door je eigen levensverhaal’ van 22 november 2017. Het is een prachtige dag met fraaie bijdragen van enthousiaste sprekers en performers. En ook van onverwachte avonturen. Bijvoorbeeld je laatste wens kenbaar maken in het geval je nog maar een maand zou leven. Of met een ‘virtual reality-bril’ een avond in Resto Van Harte meemaken, waar levensverhalen werden verteld en opgeschreven. Maar het is ook een dag met onverwachte wendingen. Dat begint al voor aanvang. Opeens staat er een bus met 30 extra deelnemers op de stoep. Ja, de leidster had zich aangemeld voor de bijeenkomst. Maar het inschrijfsysteem herkent niet dat ze nog 29 mensen meeneemt. De organisatie is natuurlijk niet voor één gat te vangen; snel stoelen en lunches erbij geregeld. Creativiteit is wederom gewenst als de trofee voor de eerste prijs van de Haagse Tien met een Griffel van de tafel valt. Een rolletje plakband doet wonderen, tenminste voor de duur van de middag. Er zal een nieuwe moeten komen. En toch, dit alles maakt de dag nog meer dan zo maar geslaagd. Een fijne balans in goede voorbereiding en de nodige improvisatie. Geen moment is het saai.

doodgewoon november 2017 002 kopie

doodgewoon november 2017 009 kopie

 

 

 

 

 

 

Wout Huizing zet de toon met een energizer om de  mensen in de zaal op te warmen voor het programma. Met hand op steken inventariseert hij vlot uit welke delen van het land mensen zijn gekomen en wat hun raakvlakken zijn met het thema levensverhalen. In een boeiend betoog zet vervolgens Aad de Roo de stand van zaken in Nederland op een rijtje ten aanzien van de zorg van mensen in de laatste levensfase. Hij schotelt ons een combinatie voor van wetenschappelijke inzichten en ervaringen uit zijn eigen werkzame leven. Hij duidt het Platform Dood gewoon in Den Haag als een zoektocht naar een eigentijdse benadering van het levenseinde. En eigenlijk is er niet zoveel veranderd ten opzichte van vroeger als het om sterven en nabestaan gaat. Je moet nog steeds emoties verwerken en daarbij helpen ondersteuning en warmte. Interessant is het volgens De Roo om te zien hoe de aandacht in de media groeit voor de dood: ‘Over mijn lijk’, ‘Kijken in de ziel’ en ‘Tijd om te sterven’. Die leiden weer tot nieuwe manieren om mensen te steunen in de laatste levensfase. In de palliatieve en terminale zorg zie je kleinschalige ontwikkelingen; palliatieve zorg aan huis. De Roo wijst ook op de aanwezigheid van tegenkrachten. De focus op tijd en geld in de zorg leidt totmensen aan het bed. En tot het wegvallen van de bezieling in de steun aan mensen in de laatste fase; wanneer die zo hard nodig is.

doodgewoon november 2017 072 kopie

doodgewoon november 2017 102 kopie

 

 

 

 

Harriëtte Mingoen plaatst daar een heel andere sfeer tegenover: het nooit vertelde verhaal van Surinaamse Javanen in Nederland. Hoe zij eind 19e eeuw werden verscheept vanuit Nederlands-Indië naar Suriname om te gaan werken op de plantages. Daar een eigen cultuur ontwikkelden die wezenlijk anders is dat van de oorspronkelijke Javanen. Rond 1975, bij de aanstaande onafhankelijkheid van Suriname, bekroop hen de angst in de verdrukking te komen tussen de grote groepen Creolen en Hindoestanen in de Surinaamse samenleving. Dat maakte dat een deel van de Surinaamse-Javaanse mensen terugwilden naar Java. Hun reis daar naar toe eindigde voor velen in Nederland. En pas hier ontdekten zij hun ware identiteit als Surinaamse Javanen. Zij bleken anders te zijn dan de Indonesische Javanen, door onder meer Caribische invloeden. Op zoek ook naar hun eigenheid rondom sterven en nabestaan in een verwarrende mix van Javaanse, Surinaamse en Nederlandse rituelen.

doodgewoon november 2017 110 kopieTussen de sprekers in begeleidt Hue Blanes zich op de piano. In zijn songs bezingt hij de weg naar het ouder worden. Een treffende toon op de thematiek van de middag. Kees Posthumus brengt ons terug op vaderlandse bodem. Mevrouw de Lange vertelt via Kees haar levensverhaal. In een stoel bij de schemerlamp snoept zij van haar advocaatje met slagroom. Vervolgens vertelt ze op indringende wijze over het wel en wee van haar en haar familie; man en dochter. Een verhaal waarin haar wereld nu zij oud is steeds kleiner wordt maar waarin ze de lessen uit het leven blijft vasthouden. Jos Somsen besluit het artistieke deel van de dag met het ‘lied van mijn leven’. Aan de hand van muziek en zingen kom je met elkaar in gesprek over de laatste levensfase, houdt Jos ons voor. En met de zaal zingt zij het levenslied.

 

doodgewoon november 2017 127 kopieBevraagd door Wout Huizing lichten Ben Lachhab van Resto Van Harte en docente van de Haagse Hogeschool Saskia Biermans hun enthousiasmerende rol toe bij het begeleiden van de studenten die levensverhalen optekenden van ouderen. En dan is de uitreiking van de Haagse Tien met Griffel-award daar. Bart Chabot neemt het podium en na het omstoten van het glas water, zet hij toch zijn bril er maar bij op. “Ik ben een aflopende zaak….”, steekt hij van wal. Een optreden met Jules Deelder en wijlen Herman Brood in het Haagse Diligentia memorerend, verhaalt en grapt hij zich naar de prijsuitreiking.

Op kenmerkende wijze bejubelt Chabot één voor één de prijswinnaars en geeft uit het hoofd een korte samenvatting van elk van de levensverhalen. Bo Wilmink wint de derde prijs. Zij schreef het verhaal van Pearl die als klein meisje met haar vader vertrok naar Schotland. Daar had ze geen gelukkige tijd. Haar moeder, van wie zij dacht dat ze was overleden, “ontvoerde” haar terug naar Nederland. De tweede prijs is voor Zoebeida Bakridi met haar verhaal over Cor die in de hongerwinter van 1944 met zijn broertje onder barre omstandigheden van Den Haag naar het Groningse Sappermeer reisde voor eten. En ten slotte de eerste prijs voor het duo Nina Planjer en Nathalya Leenaars. Zij beschreven hoe Yvonne als bassiste in een band een wild leven leidde van drugs en ongelukkige liefdes. Chabot interviewt kort elk van de prijswinnaars en geeft hen een bos bloemen, de award en natuurlijk….een doorweekte cadeau-envelop. Een energiek einde van een dag vol mooie verhalen over het leven en de dood.

doodgewoon november 2017 014 kopiedoodgewoon november 2017 016 kopiedoodgewoon november 2017 020 kopie

­